• Home
  • Vragen over startersleningen


Alle dossiers

Vragen over startersleningen

Datum: 30-06-2010

De SGP-fractie heeft  op 31 mei het College vragen gesteld inzake het voortbestaan van de startersleningen in Barneveld. Het College antwoordde op 24 juni.

In het Reformatorisch Dagblad van 27 mei jl. stond een artikel waarin werd gemeld dat het geld wat het ministerie van VROM beschikbaar stelt voor startersleningen eerder dan verwacht op is. Er is sprake van een verviervoudiging van het aantal aanvragen. De populariteit van de regeling en de recente verhoging van de Nationale Hypotheekgarantie tot 350.000 euro, leidden ertoe dat het geld sneller op was. Dit heeft het uitvoeringsorgaan SVN ( Stimuleringsfonds Volkhuisvesting Nederland)  bekend gemaakt.

Volgens het krantenbericht moeten de gemeenten en provincies de kosten van de leningen nu zelf gaan dragen. Volgens de SVN kan door het verdwijnen van deze regeling het voor starters veel moeilijker worden een eigen woning te financieren. Tevens belemmert het de doorstroming op langere termijn.

Hieronder de vragen van de SCGP-fractie met de antwoorden van het College van B&W:

1. Is gemeente bekend met het feit dat het geld voor de startersleningen eerder dan verwacht op is?
Het Rijk heeft per 1 januari 2007 € 40 miljoen ter beschikking gesteld ten behoeve van de VROM starterslening. Aan elke starterslening die de gemeente toewees betaalde het Rijk 50% mee uit het beschikbaar gestelde budget. De Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten (SVn) is het uitvoerende orgaan van de gemeentelijke startersregelingen. Het SVn gaf aan dat de verwachting was dat het rijksbudget in ieder geval tot eind 2010 toereikend zou zijn.
In februari 2010 kwamen de eerste publicaties in de media over het stopzetten van de Koopsubsidie ( Wet Bevordering Eigen Woningbezit). Vanaf dat moment ontstond er landelijk een toename in de aanvragen om startersleningen. Na contact met het SVn bleek dat de verwachting was dat het VROM startersbudget mede daardoor versneld leeg zou raken en waarschijnlijk niet toereikend zou zijn tot eind 2010. Op 25 mei 2010 ontving de gemeente geheel onverwacht een brief van het SVn dat het VROM budget nagenoeg op was en dat per 26 mei 2010 alle aanvragen om startersleningen zouden worden aangehouden. Het was een strategische keuze van het SVn om op deze wijze te communiceren naar de gemeenten.

2. Bij de bouwplannen in de gemeente Barneveld zijn starterswoningen gepland en worden woningen mede gefinancierd met een starterslening. Welke problemen voorziet het College van B&W nu de financiering van de startersleningen vanuit het ministerie van VROM stopt?
Het stopzetten van de VROM bijdrage aan startersleningen heeft geen gevolgen voor de bouw van starterswoningen. De bouw van starterswoningen wordt niet mede gefinancierd door de inzetting van startersleningen. Een starterslening is een financieringsinstrument voor starters om het kopen van een woning (tot een maximaal koopbedrag van € 265.000 incl. alle verwervingskosten) financieel haalbaar te maken. Een starterslening is een aanvullende lening op de eerste hypotheek van een starter op de koopwoningmarkt. Goedkope koopwoningen (VON-prijs < € 170.000,-) die onder Koopgarant in verkoop gaan, zijn uitgesloten van de startersregeling.

3. Wat is het risico voor de bijna opgeleverde starterswoningen?
Uit het antwoord op vraag 2 blijkt dat het stopzetten van de VROM bijdrage geen gevolgen heeft voor de oplevering van in aanbouw zijnde starterswoningen.

4. Ziet het College van B&W mogelijkheden om de startersleningen te continueren, ook als de financiering vanuit het ministerie van VROM stopt?
Zo ja, met welke maatregelen gaat het College de starterslening dan continueren?
Zo nee, wat zijn de consequenties dan voor het woningbouwprogramma, met name voor de starters?
In genoemde brief van 25 mei j.l. heeft het SVn verzocht of de gemeente wilde aangegeven of zij door wilde gaan met de startersleningen. Alle aanvragen die vanaf 26 mei worden ingediend bij het SVn komen dan volledig voor rekening van de gemeente zelf. Op 1 juni 2010 hebben wij het SVn bericht dat de gemeente Barneveld door willen gaan met de VROM startersregeling zolang het gemeentelijk budget dat bij het SVn in beheer is gegeven daarvoor toereikend is. Op dit moment is er nog ruimte om, naast de reeds lopende 16 aanvragen, ca. 7 startersleningen toe te wijzen. Er zal dus op korte termijn gezocht moeten worden naar en besloten moeten worden over de inzet van aanvullend budget om de startersregeling te kunnen voortzetten.

Het eventueel stopzetten van de gemeentelijke startersregeling heeft geen gevolgen voor het woningbouwprogramma op zich. Wel heeft het gevolgen voor een bepaalde groep starters op de koopwoningmarkt. Er is een groep starters die zonder de mogelijkheid van een starterslening niet in staat is een woning te kopen. Zij zijn dan aangewezen op de huursector.

5. Wil het College van B&W de gemeenteraad op de hoogte houden van de ontwikkelingen met betrekking tot de starterslening?
Op dit moment wordt in kaart gebracht of er nog financiële middelen beschikbaar zijn die ingezet kunnen worden voor de starterslening. Daarnaast wordt onderzocht of aanpassing van de criteria om in aanmerking te komen voor een startersleningen wenselijk is.

Wanneer het beschikbaar stellen van aanvullend budget voor de starterslening niet binnen het mandaat van ons college ligt komen wij terug bij de gemeenteraad voor besluitvorming. Wanneer wij van mening zijn dat aanpassing van de criteria wenselijk is zal een gewijzigde verordening van de startersregeling ter besluitvorming worden voorgelegd aan de gemeenteraad. Gezien het vergaderschema van de gemeenteraad zal dit in ieder geval na de zomervakantie worden.  

Terug naar het overzicht